Verhalen

”Aardappels sijn als seep so glad”

In de collectie van de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag bevindt zich een negentiende eeuws album amicorum vol recepten dat waarschijnlijk net voor 1900 aan een vrouwelijke telg van de familie Staring (of Swaving) werd gegeven. Diverse familieleden hebben recepten in het boek geschreven: sommige gerechten komen uit een familiereceptenboek ‘van de Wildenborch’, het kasteel en landgoed in Vorden van de familie Staring. Ook bevat het album recepten van gerechten die naar ‘Wilhelmina Blussé-Snoek’ of ‘Mevrouw van Panhuys’ waren opgesteld.

Het album – met een handgetekende voorkant en op de eerste pagina het monogram van de eigenaresse – begint met een goede raad voor een jonge huisvrouw: “zorg dat je goed kunt koken want anders houd je man het niet lang bij je uit!”

Een keuckenmeijt besorg ick wel
Die alles Koockt wat ik bestel.
och siet! hoe weinig weet het Kind
waer men in huijsde Vreê door vindt!

Dan is er maer een Kleinighheyt,
Dan is er maer de Keuckenmeijt,
Die, onbedacht of ongeleerd,
Die soete stemming ras verkeet.
De rundsrib is weêr al te gaer,
Of al te rouw, dat is er naer,
Aardappels sijn als seep so glad
In ’t sop zij ’t zout vergrepen had,
De boon valt hard als haegelweêr,
De poddinh ligt als pap daer neêr.
De man eet niets en heeft maar dout
Met mael bekomt als d’hont de wout.

Onder de waarschijnlijk welgemeende raadgeving staat dat de tekst oorspronkelijk afkomstig zou zijn uit ”De huisvrou”: welk boek of tijdschrift hiermee bedoeld wordt, is nog niet duidelijk. Het zou afkomstig kunnen zijn uit de in 1890 verschenen Nederlandse vertaling van Henriëtte Davidis’ ”Die Hausfrau” afkomstig kunnen zijn, maar dat lijkt niet waarschijnlijk. Ondanks veel goede raad aan de jonge huisvrouwen die in dat boek vermeld staat, lijkt de letterlijke raad uit het receptenalbum daar niet in teruggevonden kunnen worden. Ook later in het receptenalbum staat er nog een soort ode an de huisvrouw ‘Mijn stoffer is mijn sweert’: deze afbeelding is opgenomen in ons Rariteitenkabinet.

Veel van de recepten in het album zijn versierd met stijlvolle letters of geïllustreerd met handgetekende afbeeldingen. Ook bij het recept voor kandeel heeft de bijdrager ooievaar, een vrolijke baby die in een mandje komt aandrijven en een feestelijke tafereel met wieg en kraamvisite getekend. Onder de illustraties heeft zij (of hij?) ook vier (geboorte?)data geschreven. In dit receptenboek worden als ingrediënten voor de kandeel ‘1 flesch rhijnwijn en 1 flesch witte wijn’, pijpkaneel, suiker en ‘4 geklutste eijerdoijers’ genoemd.

Kandeel – een oudhollandse eierlikeur met soms een alcoholpercentage boven de 17% – is al sinds de zeventiende eeuw een typische kraamdrank die zowel aan de kraamvrouw als aan de kraamvisite geserveerd werd. Indertijd werd ook gedacht dat de eierlikeur boze geesten bij moeder en kind weg zou houden. Aan het eind van de kraamperiode werd een zogenaamde kandeelmiddag georganiseerd waarop de kandeel gezamenlijk werd gedronken. De kraamvader zetten een speciaal kraamherenmuts op en roerde door de kandeel met een pijp kaneel, de zogenaamde kandeelstok. In een kandeelstel werd de kandeel geserveerd met een lange vinger of kaneelkoekje.

Naast de gelegenheidstekeningetjes bij de recepten vinden we ook een bijdrage van Jan Hoynck van Papendrecht die bij zijn recept van ‘poelet met kerry’ ook een etende soldaat in een tentenkamp tekende. Hoynck van Papendrecht was vooral bekend door zijn aquarellen en tekeningen van het militaire leven. Zijn bijdrage aan het receptenalbum is waarschijnlijk te verklaren doordat hij voor sommige van zijn militaire illustraties voor o.a. Elsevier en Eigen Haard samenwerkte met officier Willem Constantijn Staring. Deze laatste schreef zelf ook een bijdrage aan het receptenboek met een geïllustreerd recept voor een vruchtenpunch ”Del Amore”.

Waarom die drank zo heet, heb ik
niet kunnen ontdekken. Maar lekker is
hij. Men moet hem drinken buiten, of op
een veranda, bij zacht zomerweder: dan
verdrijft hij alle zorgen des gemoeds, en
veroorzaakt eene kalme opgeruimdheid,
die alles in een rooskleurig licht stelt.
Maar drinkt men er te veel van, dan
wordt den stemming uitgelatener, dan met
een ordentelijk ….gezelschap vereenig
baar is. Vooral de dames moeten oppas
sen, de aarbeien niet op te eten.

Voor het recept van Del Amore geeft W.C. Staring aan dat men drie flessen rijnwijn (of moezelwijn), een fles champagne en een halve fles madeira of sherry met stukjes aardbeien, ananas of meloen door elkaar mengt.
Op de illustratie onder het recept heeft Staring een donkere omgeving waarin mannen het glas heffen getekend. De uitleg boven de tekening maakt duidelijk waarom.

Men bedenke vooral, dat het ver-
blijf in den kelder gedurende 24 uren
noodzakelijk is. Verzuimt men dit, dan
zal men er zich niet op kunnen beroe-
men, “del amore” ooit te hebben
geproefd.

De verschillende afbeeldingen van de recepten uit dit negentiende eeuwse receptenboek zijn ook integraal terug te vinden op de Nederlandse Wikisource, een zusterproject naast andere Wikiplatformen als Wikipedia, Wikimedia Commons en Wikidata. Wikisource biedt de mogelijkheid om de auteursrechtvrije teksten te transcriberen. Dus als je zin hebt om de handgeschreven recepten voor  Koude saus bij koud vleesch, Macaroni-schoteltje, Mosterd-zuur, Knorhaantjes, Tutti Frutti, Citroenvlade, Kruiden Azijn of Kniepertjes te transcriberen dan kun je op Wikisource terecht. Het enige dat je nodig hebt is een Wiki-account; met één account kun je alle wikiprojecten bewerken.