Rariteitenkabinet

Mijn stoffer is mijn sweert

In een negentiende-eeuws receptenboekje dat hoogstwaarschijnlijk toebehoorde aan een vrouwspersoon van de familie Swaving of Staring staat ook het gedichtje ‘Mijn stoffer is mijn sweert’. Het gedicht over de nut en noodzaak van goed stoffen en vegen is een verkorte versie van een gedicht van de Dordtse leraar Pieter van Godewijck (1593-1669):

Myn stoffer is myn swaerd, myn bussum is myn wapen./ Ick kennen geene rust, ick weete van geen slaepen./ Ik denck aan geen salet, ick denck niet aan myn keel./ Geen arbeyt my te swaer; geen zorgde mij te veel/ Om alles gladdekens en sonder smet te maken./ Ik wil nyet dat de maegd myn pronckstuck aan zal raken,/ Ick selve wrijf en boen, ick flodder en ick schrob,/ Ick aes op ’t kleinste stof, ik beef niet voor den tob/ Gelyck de pronckmadam…